Nierstenen (urolithiasis) zijn kleine harde minerale afzettingen die gevormd worden in de nieren. Ongeveer 1 op de 10 mensen krijgt een niersteen. Bij mannen komen ze 3 maal zo vaak voor dan bij vrouwen.

Het aanmaken van nierstenen kan verschillende oorzaken hebben. Vaak ontstaan stenen wanneer de urine te sterk geconcentreerd wordt, wat mineralen en zouten toelaat samen te klitten en te kristalliseren. De meest voorkomende oorzaak van niersteenvorming is te weinig vochtinname. Andere risicofactoren zijn vb. afwijkingen aan de urinewegen, urineweginfecties, erfelijke aanleg, overmatige productie van bijschildklierhormoon door de bijschildklieren, darmziekten zoals de ziekte van Crohn en gebruik van sommige geneesmiddelen.

Afhankelijk van de plaats in het urinestelsel waar ze problemen veroorzaken kunnen verschillende klachten ontstaan (vb. Nieren, urineleiders, blaas). Kleinere steentjes kunnen spontaan uitgeplast worden. Bij obstructie kan dit hevige pijn veroorzaken, de zogenaamde nierkoliek of niercrisis.  

Soms volstaat het om gerichte pijnstilling in te nemen om een klein steentje uit te plassen. In andere gevallen kan het soms noodzakelijk zijn om een JJ stent (dubbel J stent) te plaatsen. Dit kan een oplossing zijn wanneer de pijnklachten niet reageren op pijnstilling of er tekens van infectie optreden.

Bij patiënten die regelmatig stenen aanmaken, zal een metabole oppuntstelling gebeuren in de steenkliniek. Op basis van het scheikundig onderzoek van de steen, de bloed- en urineonderzoeken, zullen we aanbevelingen kunnen doen over eventueel dieet en preventieve medicatie, dit teneinde het risico op recidieven te beperken.

Bij de behandeling van nierstenen staat een hele waaier aan therapeutische opties tot onze beschikking. Elke van deze ingrepen heeft specifieke complicaties.

Dubbel-J-stent

Algemene informatie over het plaatsen van een dubbel-J-stent