TUR blaas staat voor transurethrale resectie van de blaas. Dit is een ingreep waarbij poliepen (= gezwellen) op de blaaswand via de plasbuis verwijderd worden.

TUR blaas

Bekijk hier de informatiefolder van het Sint-Andries Ziekenhuis

Wat is een TUR blaas?

TUR blaas staat voor transurethrale resectie van de blaas. Dit is een ingreep waarbij poliepen (= gezwellen) op de blaaswand via de plasbuis verwijderd worden.

Voor de operatie

Op doktersadvies moet u een aantal preoperatieve onderzoeken ondergaan. Veel onderzoeken kunnen via de huisarts gebeuren. Meestal worden volgende onderzoeken gepland:

  • Bloedafname
  • Urineonderzoek
  • Rx-thorax
  • EKG

Bepaalde bloedverdunnende medicatie dient gestopt te worden (minstens één week vóór de ingreep).

Dag van de operatie

  • U moet nuchter zijn. U mag dus niets meer eten of drinken vanaf middernacht vóór de ingreep.
  • U meldt zich bij de opnamedienst van het ziekenhuis aan. Van hieruit wordt u begeleid naar het chirurgisch dagziekenhuis.
  • Op deze afdeling worden uw naam en geboortedatum gecontroleerd en wordt uw identificatiebandje aangedaan.
  • Voor het vertrek naar de operatiekamer doet u een operatiehemd aan.
  • U zal geschoren worden indien nodig en dient een comprimé Ciproxine® (= antibiotica) in te nemen.

Verloop van de ingreep

U wordt verdoofd voor de ingreep.
De verdoving kan volledig of gedeeltelijk (via ruggenprik) zijn. Dit gebeurt in overleg met de arts en anesthesist.

U zal ongeveer twee tot drie uur van de afdeling weg zijn. De operatie zelf is van wisselende duur, maar na de ingreep brengt u ook enige tijd door op de ontwaakruimte. Indien de verdoving voldoende is uitgewerkt, komt u terug naar de afdeling en krijgt u een kamer toegewezen.

Nazorg en ontslag

Als u op de kamer komt, hebt u een infuus waarlangs pijnstillende medicatie kan toegediend worden. De verpleegkundigen geven u enkele voorgeschreven pijnstillers mee naar huis voor ±2 dagen. Met het voorschrift van de arts haalt u zelf nog pijnstillers om de rest van de herstelperiode te overbruggen.

Verwittig altijd een verpleegkundige vooraleer u voor de eerste maal na de operatie wil opstaan. Drinken mag reeds een paar uur na de ingreep. ’s Avonds mag u al een lichte maaltijd nemen.

U zal ook een blaassonde hebben. De urine is meestal (licht) bloederig. Op advies van de arts zal de blaassonde verwijderd worden. Soms wordt voor het verwijderen van de sonde een product ingespoten om terugkomen van de poliepen te helpen voorkomen. Dit product moet gedurende één uur in de blaas blijven. Nadien wordt de blaassonde verwijderd. Als de sonde verwijderd wordt, is het belangrijk dat u voldoende drinkt. Als u goed kunt plassen en na consult en advies van de arts mag u het ziekenhuis verlaten.

Bij ontslag krijgt u een afspraak voor controle en een ontslagbrief voor de huisarts mee. Na de ingreep mag u niet zelf naar huis rijden.
Uw thuismedicatie mag u na de operatie verder nemen. Grote uitzondering: bloedverdunners mogen pas opnieuw ingenomen worden na advies van de arts.

Enkele raadgevingen bij ontslag:

  • Voldoende drinken (min. 1,5 L water per dag)
  • Verricht enkele weken geen zware lichamelijke arbeid
  • Geen alcohol de eerste weken
  • Vermijd te veel persen bij ontlasting
  • Op tijd en regelmatig gaan plassen

U neemt contact met de huisarts, behandelende arts of u komt naar spoed in geval van:

  • Hevige pijn
  • Niet kunnen plassen • Te bloederige urine • T° > 38,5°