Kinderurologie

De meest voorkomende aandoeningen bij kinderen zijn :

  1. Fimosis, ofwel een te nauwe voorhuid
  2. Een niet ingedaalde teelbal of testis.
  3. Bedplassen

Fimosis, ofwel een te nauwe voorhuid.

Bij de geboorte hebben dit vrijwel alle jongetjes, na enkele jaren is dit dan ook vaak spontaan verdwenen. Het kan toevallig opgemerkt worden door ouders of schoolarts, of oorzaak zijn van problemen zoals een ontsteking van de eikel of jeuk of pijn bij erectie.

Dit wordt heelkundig verholpen,  de voorhuid wordt verbreed of volledig weggenomen (besnijdenis) afhankelijk van de wens van het kind of de ouders. Een dergelijke ingreep gebeurt in daghospitalisatieverband d.w.z. ‘s morgens nuchter opgenomen worden en ‘s middags weer naar huis als de uroloog is langs geweest om de naverzorging te bespreken.

Een niet ingedaalde teelbal of testis.

Normaal daalt de teelbal in tijdens de zwangerschap. Soms maakt de natuur een foutje en blijft  er een teelbal in het lieskanaal of zelfs hogerop in de buik steken.
Om een goed functionerende teelbal te garanderen en de kans op teelbalkanker te minimaliseren dient de teelbal chirurgisch op zijn plaats gebracht te worden.
Als de teelbal voelbaar is in de lies, gebeurt dit via een incisie aldaar.

Indien de teelbal op de consultatie niet kan worden gevoeld, moet soms eerst een kijkoperatie ( laparoscopie ) gebeuren, om te weten waar de testis zich precies bevindt.
Ook deze ingreep gebeurt in daghospitalisatieverband d.w.z. ‘s morgens nuchter opname en ‘s middags weer naar huis nadat de uroloog is langsgeweest om de wonde te controleren en de naverzorging te bespreken.

Bedplassen.

Een zeer frequent voorkomend fenomeen, waarvoor meestal vanaf de leeftijd van 6 à 7 jaar hulp wordt gezocht en ook vaak kan worden geboden. Er zijn vele mogelijke oorzaken, erfelijkheid is er daar één van. Op de consultatie wordt door een gesprek met het kind en de ouders gezocht naar de mogelijke oorzaken om op die manier de beste behandelingsmethode te kunnen vaststellen.

De nodige onderzoeken zijn meestal beperkt tot een klinisch onderzoek, een controle van de urine, een echo van de blaas en de nieren en een plas- of mictiedagboek. Geen grote invasieve zaken dus, voor het kind niet afschrikwekkend en gezien de kinderen vaak zelf heel graag een oplossing willen vinden ze deze dingen niet erg.